Telomeren

Voor het geval je mijn column niet leest in InfoRegio, dan heb je recent iets gemist. Ik schreef daarin onlangs namelijk over een absolute doorbraak in de medische wetenschap, die voor werkgevers en andere ondernemers met personeel verstrekkende gevolgen heeft. In positieve zin bedoel ik dan. Want met de kennis waarover we nu ineens kunnen beschikken, ligt de weg voor gericht – en daarmee rendabel – personeelsbeleid voor ons open. Niet verder vertellen.

Wat is het geval? Aan de hand van een simpele bloedtest kunnen onderzoekers sinds kort achterhalen, hoe lang de telomeren van mensen zijn. Telomeren? Ja, telomeren. Dat zijn – ik papegaai de deskundigen gemakshalve even na – ‘de uiteinden van de chromosomen’. Deze uiteinden blijken korter te worden naarmate iemand ouder wordt. Kortere telomeren worden dan ook in verband gebracht met aandoeningen die nauw samenhangen met ouderdom. Hoe korter de telomeren, hoe ouder iemand al is. Consequentie: we kunnen zo redelijk betrouwbaar vaststellen hoelang iemand nog meegaat.

Is dat nieuws, of is dat nieuws? Stel u even voor wat we daar in onze dagelijkse worsteling met onze medewerkers allemaal mee kunnen. Ik noem twee mogelijkheden. Denk, bijvoorbeeld, aan het gedoe over de AOW-leeftijd. Achterhaalde discussie. We gaan immers afspreken dat iedereen die 10 of minder jaar te leven heeft, mag stoppen. Andere optie: Pensioenclaims? Kost kapitalen. Niet meer nodig. Een rekensom op basis van de telomeren-lengtes levert ons feilloos de cijfers hoe lang we voor de een, en hoe lang we voor de ander aan pensioenbetalingen vast zitten. Kun je dus de premie op berekenen: hoe langer je, nadat je stopt met werken, nog leeft, hoe meer je aan premies moet bijdragen. Wel zo fair toch?

Nu zijn er – ik zou zeggen bijna vanzelfsprekend – cynici opgestaan, die ‘zo hun bedenkingen hebben’. Die maken zich zorgen dat mensen hun leven over een heel andere boeg gaan gooien door de test. Want als we weten wanneer en hoe we gaan sterven, dan beïnvloedt dat de manier waarop we leven, zeggen zij. We moeten het fatalisme dat stelt, dat je gaat sterven op een bepaalde datum en dat het dus geen zin heeft om te stoppen met roken of ongezond eten, laten varen. Ja, zo lust ik er nog wel een paar. Daar kan ik immers tegenover stellen, dat mensen ook van de ene op de andere dag kunnen besluiten al het foute af te zweren. In het geloof en vertrouwen dat zij de uitzondering op de regel zijn, die niet aan het kortste telomeren-eindje trekken. Tenslotte is de mens van huis uit een opportunist waar het gaat om zijn gezondheid: het medische noodlot treft altijd een ander.

Trouwens, al gehoord van het Anti-Müllers Hormoon (AMH)? Bij vrouwen onder de 45 geldt dat hoe lager de concentratie AMH is, hoe groter de kans dat de vrouw in een vervroegde menopauze terecht komt. Knappe medische koppen te Utrecht kwamen er vervolgens achter, dat dit hormoon een voorspeller is van de leeftijd waarop een vrouw in de overgang raakt. De uitslag is vrij zeker te voorspellen, met een marge van een paar jaar. Prettige bijkomstigheid: effectieve gezinsplanning wordt van bakerpraat ineens netto wetenschap. En dat is erg handig bij de werving en selectie en het bevorderingsbeleid van vrouwelijke collega’s, lijkt me.

Ik heb de advertentie-afdeling van deze krant dan ook gevraagd zich te oriënteren op de markt van particuliere aanbieders in de medische sector. Er zit er zonder twijfel eentje bij die brood ziet in het meten van telomeren. Wie weet is voor trouwe lezers van deze courant wel een interessante aanbieding te regelen. Uiteraard niet voor eigen gebruik. Want ik neem niet aan dat u zelf wilt weten waar uw telomeertje eindigt?